Soms, nee, eigenlijk heel vaak, krijg ik de vraag wat mijn mooiste reis in Frankrijk was. Geen leuke vraag, want wat moet ik daar nou op antwoorden? Pas. Possible.
Toch moest ik me maar eens wagen aan het antwoord op deze vraag. En dus dook ik mijn geheugen in. Let wel: ik heb veel reizen door Frankrijk gemaakt als kind, waar ik buiten de foto’s om niet heel veel meer van herinner. Jammer, want mijn ouders hebben me prachtige plekken laten zien. Alle vakanties als tienermeisje op de camping neem ik ook niet mee, terwijl dit geweldige reizen waren. Ik wil het nu doen met de recentere jaren. Met de reizen die scherp op mijn netvlies staan. Eigenlijk wist ik het antwoord al heel lang en heel snel, maar ik wil mijn andere reizen niet tekort doen. Die waren namelijk ook geweldig. Maar deze…
Soloreis van sneeuw naar zwemmen in zee en van een boek schrijven in een Franse villa
In januari van dit jaar maakte ik een soloreis van twee weken die ik heel intens heb ervaren. Men zegt dat de tijd snel gaat als je het naar je zin hebt, maar ik heb het gevoel dat deze reis vijf weken duurde in plaats van twee. Dat betekent niet dat ik het niet naar mijn zin had, want dat is nu juist niet het geval. Het betekent dat ik intens genoten heb. Meer dan ik ooit deed. Ik dompelde me onder in de natuur, onder de locals. En ik schreef een boek, geïsoleerd zonder internet in een Franse villa. Ik zat zes uur in een bus van plek A naar B. En ik sliep in bijzondere bergdorpjes. Deze reis was gewoonweg magnifique.
Het begint allemaal met kriebels in mijn buik op Rotterdam Airport. Kriebels, omdat ik die dag naar Grenoble vlieg. En de Franse Alpen in januari betekent maar een ding: sneeuw. Als onervaren winterreiziger stap ik die ochtend het vliegtuig in. Vol spanning staar ik tijdens de landing uit het raampje: waar ligt die sneeuw? Grenoble ligt zelf vrij laag, dus het pak sneeuw dat ik hier verwachtte, blijft uit. Maar sneeuw of niet, Grenoble verrast me. De stad is 360 graden omringd door bergmassieven. Draai een rondje, je blijft ze zien. Magnifique, werkelijk. Met een vrolijke Française trek ik die dag door de stad. Ze neemt me mee naar een prachtig uitkijkpunt. Pas daar zie ik dat de sneeuw er wel degelijk is en snap ik waarom men met latten onder de armen door Grenoble loopt. De witte magie ligt alleen wat hoger.
De volgende dag pak ik bij het treinstation van Grenoble de bus naar een dorpje op 30 minuten rijden van de stad, Lans-en-Vercors om precies te zijn. De hoogte in. Voor ik het goed en wel doorheb – we zitten amper een paar minuten in de bus – rijd ik door besneeuwde bossen. Wauw… Even weet ik niet meer wat ik moet denken. Nooit eerder maakte ik een winterreis, en nu rijd ik hier, in mijn eentje. Niet wetende waar ik belanden ga, maar feit is dat er sneeuw is. Het landschap lijkt hier een sprookje.
In het dorp check ik in in een lieflijk hotel. Ik noem het een sneeuwhotel, want het is precies wat ik voor ogen heb bij besneeuwde bergdorpjes. Een ruim, oud gebouw op een pleintje met een kerk, alles compleet wit van de sneeuw. Hier eet en slaap ik deze avond, om de volgende ochtend mijn gordijnen te openen en de vallende sneeuwvlokken te aanschouwen. Alsof het sprookje nog niet mooi genoeg was. Ik trek mijn skikleding aan, maar niet omdat ik ga skiën. Dat kan ik niet eens. Nee, ik ga wandelen. Op raquettes. Sneeuwschoenwandelen. Samen met een lief, oud Frans mannetje die me alles vertelt over zijn dorp en de omgeving. De trots in zijn stem is vredig. Wat een lieverd. Boven op de berg proosten we met een warme kop thee uit zijn thermoskan.
Sneeuwlandschappen in de Chartreuse en de Vercors
Na een paar dagen van sneeuw, waarin ik overrompeld werd door schoonheden van landschappen, staat er iets heel anders op mijn planning: de Côte d’Azur. Ik ben op dat moment bezig met een boek, en moet nog terug naar de streek om verhalen met locals te halen. En bergdorpjes te bezoeken die ik niet eerder zag. Bij toeval ontdekte ik thuis op het internet een bus die van Grenoble naar Nice rijdt. Een zit van zes uur, maar wel rechtstreeks en wat euro’s lichter dan de trein, waarbij je ook nog eens over moet stappen. Zo gezegd, zo gedaan.
Met de bus van Grenoble naar Nice: 6 uur lang over binnendoorweggetjes
De busrit is een ervaring an sich. Het sneeuwt die dag extreem en laat deze bus nu net niet de snelweg pakken, maar een complete binnendoorroute. Langs talloze dorpen en lege berglandschappen. Dat de buschauffeur nog zo hard rijdt zonder enige vorm van zicht… Ik vind het knap. En toch ook enigszins spannend. Na enkele uren zie ik – voor zover ik iets zie met deze sneeuw en de schemering – het weer veranderen. Eenmaal in het binnenland van de Côte d’Azur is de sneeuw overgegaan in regen. Veel regen. In Nice stap ik vermoeid, maar toch ook weer met enige opwinding, de bus uit. Kletsnat kom ik die avond aan bij mijn hostel.
Zo nat als het die avond was, zoveel zonnestralen schijnen er wanneer ik ’s ochtends mijn gordijnen open. Een bizar contrast wanneer ik de deur uitstap: het is hier warm. 16 graden om precies te zijn. Een vreemd gevoel na die koude dagen in de Alpen. En dat met slechts één busverbinding. Hierom houd ik van Frankrijk. Vier seizoenen in één land. Twee dagen breng ik in mijn geliefde Nice door, waar mensen deze dagen in januari in zee zwemmen (ja, echt!). Daarna loop ik met mijn even zo geliefde backpack naar het busstation van Nice.
Ik neem de bus naar het stadje Vence, waar ik met open armen word ontvangen door Julien van La Colline de Vence. Zijn ouders zijn op vakantie in Bali, en dus ontbijt ik iedere ochtend met de zoon des huizes. Eigenlijk ben ik hier vier dagen om aan mijn boek te werken, en da’s niet verkeerd. De woning ligt op een heuvel, de Col de Vence, en heeft uitzicht op de kustlijn van de Mediterranée en andere villa’s. Ik geniet intens en schrijf de eerste woorden van mijn boek over de Côte d’Azur. Passend, op locatie. Te voet loop ik die middag naar het naast gelegen dorp Tourrettes-sur-Loup, waar ik mijn Franse wortels heb liggen. Jarenlang kampeerde ik hier met mijn ouders, middenin de natuur. Ik word overvallen door een gevoel van intens geluk. Het is fijn hier weer te zijn.
Na vier dagen is het tijd voor weer een nieuw avontuur. Ik ga een reis terug in de tijd maken met de Train des Merveilles, die loopt van Nice tot aan het hoger gelegen Tende. Ook dit keer weet ik niet wat ik verwachten kan, want er is nog maar weinig informatie over dit traject te vinden op het internet. Ik zocht lukraak wat accommodaties voor ik vertrok en weet nu waar ik vanmiddag dag de trein moet uitstappen. Ik schreef eerder al uitgebreid over deze treinreis, die ik bijna wil omschrijven als magie. Ineens doemen hoge bergen uit het niets op. Rijd de trein daar zomaar tussendoor. Heel langzaam, echt heel langzaam. Bij het dorpje Saorge moet ik moeite doen om geen geluiden te maken. Van enthousiasme. Dit. Is. Zo. Mooi. En laat ik nu net in Saorge een paar nachten doorbrengen.
Het dorp ligt enkele tientallen meters boven het treinstation en ik had gedacht dat pittige stuk met mijn volle backpack te moeten lopen. Niets is minder waar, want ineens staat daar een man met een cowboyhoed die mijn naam roept en enthousiast zwaait. “Rosanne!” Het is mijn host, bij wie ik op Airbnb een kamer boekte. Geweldig! In zijn terreinwagen rijden we de hoogte in, naar het dorp. Hij kletst over zijn dorp en verbaast zich over het feit dat ik de bergen zo magisch vind. Voor hem niet meer dan normaal, dit hele landschap. Hier is het overigens alweer niet zo warm als aan de kust. Als het al vijf graden is, is dat veel. Een reis vol contrasten.
Saorge is mijn uitvalsbasis bij het ontdekken van enkele pareltjes van dorpen langs de Train des Merveilles. Breil-sur-Roya, Tende… Zoveel eenvoud, geen toeristen, zo puur. Een aantal dagen breng ik door in de dorpen en spreek ik met Fransen die verrast zijn een journalist in hun gemeenschap te ontvangen. Na één dag in Saorge weet het hele dorp van mijn aanwezigheid. Ik moet erom lachen. In het kleine buurtsupertje word ik met open armen ontvangen en weet men na een dag al dat ik ’s ochtends een pain au chocolat wil afrekenen. Weggaan voelt dan ook niet heel prettig, maar mijn tijd zit erop en mijn vliegtuig staat in Nice te wachten…
Deze reis vol contrasten was geweldig.
Wat was jouw mooiste reis in Frankrijk?
Wauw, mooi zeg! Kan me voorstellen dat zo’n omgeving lekker schrijft! En wat een tegenstelling met de kust zeg!
Ja! Eigenlijk zou ik vaker zo’n periode zonder internet op zo’n fijne plek willen verblijven. Gewoon, lekker schrijven, heerlijk!
Wauw! Wat ziet het er mooi uit! Frankrijk is sowieso een land met mooie gezichten!
Aah merci 🙂 Ja, helemaal mee eens!
Mooi omschreven, en ik kan het me zo goed voorstellen!
Owhhhh Rosanne,
Zelf ben ik ook zo’n Frankrijk fanaat en een grote reis aan het voorbereiden voor komend jaar. Wat een fijn verhaal dit en grappig, Na de Auvergne staat de TENDE treinreis ook op mijn lijstje. Na je foto’s bekeken te hebben nog meer zin. Je schrijft ook fijn vind ik en zie me al voor mij hoe blij je was tijdens de reis. Ga zo door met schrijven EN foto’s maken zeg ik als fotografe zijnde :p.
Groethes Esh.
Wauw ik heb echt genoten van de foto’s. De foto’s met de sneeuw zijn echt prachtig. Ik ben twee keer in Frankrijk geweest en vond het toen ook zo mooi en fijn om te zijn. Leuk om je post te lezen!
Wat een heerlijk stuk heb je geschreven, Roos! Lijkt me heel bijzonder dat je zoveel contact hebt met de locals door het spreken van hun taal. En al die contrasten in deze reis, klinkt echt geweldig 🙂
Klinkt als een droom, wat een fijne reis. En heerlijk om ook online even weg te zijn dan!